Als voetballers zich niet outen, dan doen Belgische fans het wel!

Door Kurt Vandemaele

Homo’s snappen geen bal van voetbal? Dat geldt alvast niet voor deze fans. Op het veld is er ­(bijna) nog nooit eentje uit de kast gekomen, ­drie supporters doen dat vandaag wél. ­Ervaren ze homofobe spreekkoren als beledigend? Kijken ze anders naar de match? Gaan ze voor de mooie mannen of voor het spel? En hebben ze een gaydar die hen vertelt welke speler andersgeaard is?

De enige Britse topspeler die ooit uit de kast kwam, was Justin Fashanu. Toen de goalgetter die Nottingham Forrest in 1981 kocht, ontdekte dat hij homoseksuele gevoelens koesterde en daar geen geheim wou van maken, werd hij overal nageroepen. Hij vond ook geen steun bij manager Brian Clough, die hem a bloody poof noemde, ‘een verdomde reetkever’. De voetballer verhing zich in 1998 in een verlaten parkeergarage. Greg Clarke, de voorzitter van de Britse Football Association, riep begin vorig jaar nog de homo’s in de Premier League op om zich samen kenbaar te maken, omdat ze in groep sterker zouden staan tegen plagerijen en verwijten. De oproep vond geen gehoor. De FA-baas concludeerde dat het tegenwoordig onmogelijk is voor een speler om zich te outen, “met alle rotzooi die je op de sociale media over je heen krijgt als je van de norm afwijkt, en met de giftige reacties van de vocale minderheid op de tribunes”.
In Spanje hebben de fans van Barcelona het al jaren op Ronaldo gemunt: “Kom uit de kast, Cristiano!” ­zingen ze. Volle tribunes slingeren hem ‘maricón’ of ‘nicht’ naar het hoofd. Maar Ronaldo is te groot voor die kleine jongens. Toen Jorge Meriodo, midden­velder van Atlético, vorig seizoen in het heetst van de strijd Ronaldo ook uitschold voor ‘nicht’, reageerde de Portugees: “Ja, een nicht met heel veel geld, klootzak.”
In Groot-Brittannië wordt er al langer opgetreden ­tegen beledigende supportersliederen. Vooral het team van Brighton was dikwijls mikpunt van krenkende gezangen, omdat de artistieke kuststad bekendstaat om zijn bloeiende holebiscene.
“You’re from a town full of gays and we hope you all die of aids.”
“We can see you holding hands.”
“You’re queer and you know you are.”
Het hoorde jaren tot het repertoire van de supporters wier clubs het opnamen tegen Brighton & Hove ­Albion FC. De politie in Engeland treedt tegenwoordig alsmaar strenger op tegen uitingen van haat aan het adres van homo’s. Mede onder druk van supportersclubs als de Gay Gooners (Arsenal), The Proud ­Lillywhites (Tottenham) en de Canal Street Blues (Manchester City). Ook in Duitsland en Engeland hebben de homo’s, lesbiennes en transgenders eigen supportersclubs. Idem bij onze noorderburen: ADO Den Haag heeft de Roze Règâhs. In België hebben ze nog geen eigen verenigingen, maar ze zitten wel degelijk in de tri­bune. Wij wierpen een balletje op bij enkele Belgische homo’s die graag naar het voetbal gaan.

“Als het op de tribune kan, dan ook op het veld”
Arne Godderis, technical manager bij Milcobel en supporter van Club Brugge

“Je moet niet hand in hand tussen de massa lopen. Dat is problemen zoeken.”
“Vroeger woonde ik in Moorslede, een ­landelijke parochie waar niemand van het uitgestippelde levenspad afweek”, vertelt ­Arne Godderis. “Ook ik niet. Ik leerde iemand kennen, trouwde, bouwde, kreeg een kind en leidde het leven dat van me verwacht werd. Tot ik na een tijd besefte: er klopt hier iets niet.”
“Ik ben voetballiefhebber en ik ga graag naar het stadion. Maar het is een machowereld. In de spionkop, tussen de fanatieke supporters, zitten veel opgepepte, opgefokte kerels. Sommigen ­weten wellicht ’s avonds niet meer dat ze naar het voetbal geweest zijn. Het is drinken en ­brullen en stoer doen. Als je een gewoon ticket koopt en tussen de mensen op de tribune plaatsneemt, dan is de sfeer anders. De meeste ­mensen met wie ik ga kijken, weten dat ik homo ben. Ik ben in de eerste plaats supporter van Club Brugge, maar ik ga met vrienden ook soms naar Kortrijk of Roeselare kijken. Verplaatsingen naar Charleroi, Antwerp of Anderlecht doe ik liever niet, omdat het er daar nogal ruig aan toe kan gaan. Hoewel ik niet bang ben dat ik eruit gepikt zal worden. Ik zeg het, je ziet het niet aan mij. En je moet het natuurlijk niet zoeken. Je moet niet hand in hand tussen de massa ­lopen. En met een sjaaltje van Louis Vuitton en een bijpassende handtas moet je niet op de ­tribunes postvatten. Dat is problemen zoeken.”
“Die homofanclubs, zoals ze bij buitenlandse topploegen bestaan, die mogen ze hier van mijn part ook oprichten. Ja, ik denk wel dat ik me ­erbij zou aansluiten. Het lijkt me leuk om tussen gelijkgestemden naar het voetbal te kijken. ­Misschien zou dat ook voor de spelers de drempel verlagen om zich te outen. Het zou een signaal zijn: als het op de tribune kan, dan ook op het veld. Want het blijft jammer dat geen enkele speler uit de kast durft te komen. Mocht iemand van hen zeggen dat hij een man heeft, dan vrees ik dat hij zichzelf buitenspel zet. Als je er niet meer bij hoort naast het veld, dan duurt het niet lang voor dat zich ook op het veld laat gevoelen. Je moet zien, die kerels hebben veel fysiek ­contact. Ze staan vaker met elkaar onder de douche dan met hun vrouw. Maar iedere oproep tot meer tolerantie is welkom. Dat Benito ­Raman (die ‘Alle boeren zijn homo’s’ scandeerde, nvdr.) enkele jaren geleden door Gent werd gestraft, vond ik ­positief. Het moet ergens ­ophouden. Als je laat blijken dat homo’s niet welkom zijn, dan zijn het volgende week misschien de zwarten, of de linkshandigen. Op den duur jaag je iedereen weg.”

Haarverzorging
“Nee, ik ken geen voetballers die homo zijn. Ik heb wel mijn vermoedens. Je ziet het bij sommigen aan hun manier van bewegen, of je hoort het aan hoe ze spreken. Als ik op café zit, kan ik in 80 procent van de gevallen zeggen wie er homo is. Of ik als homo anders naar het voetbal kijk? Wel, als een heteroman naar het vrouwentennis kijkt, merkt hij ook op als er een mooie vrouw op het veld staat. Ik ook, ik kijk naar het spel, maar ook naar de mannen. Toby Alderweireld bijvoorbeeld vind ik echt wel een mooie verschijning. Ik heb trouwens mijn ­twijfels of hij wel hetero is. Door de manier waarop hij zich kleedt en hoe hij loopt. Hij heeft iets over zich dat anders aanvoelt. Ik zou niet schrikken, mocht blijken dat hij ook zo is. En ­internationaal, Ronaldo. Die is toch wel heel erg bezig met zijn uiterlijk. Naar het schijnt laat hij tijdens de rust zijn haar verzorgen om er goed uit te zien. Er zijn veel homo’s die niet zo ver gaan.” (lacht).

“Spelers hóéven niet uit de kast te komen”
Henk Vanhaezebrouck, ex-beleggingsadviseur en supporter van KV Kortrijk

“Na enkele jaren van toenemende tolerantie is de haat weer opgeflakkerd.”
“Ik ben in eerste instantie supporter van KVK, al sedert ik 16 was, en ik wil dan ook voor niets of niemand mijn clubkleuren verloochenen”, zegt Henk Vanhaezebrouck, broer van Anderlecht-coach Hein. “Wel is het zo dat als Hein met zijn ploeg niet zo succesvol is (in Genk in 2009, ­begin dit seizoen bij AA Gent en de eerste maanden bij ­Anderlecht, nvdr.), ik mij wel gemakkelijker kan schikken met een gelijkspel als hij in zo’n periode tegen Kortrijk moet spelen.”
“Wat mijn geaardheid betreft: ik was op seksueel vlak een laatbloeier. Seks was nog nooit verder ­gegaan dan wat masturberen op mijn kamer, toen ik me op mijn 24ste of 25ste aangetrokken voelde tot jongens. Ik stelde me ook weinig vragen, ik was voortdurend met voetbal bezig. Eerst doorliep ik ­alle jeugdreeksen bij Lauwe, en daarna heb ik alle jeugdploegen en ook het eerste elftal van Rekkem getraind. Ook nadat ik voor mijn geaardheid ben uitgekomen, ben ik er nog lang als oefenmeester aan de slag gebleven. Niemand heeft daar ooit een probleem van gemaakt.”
“Ruben is de enige man met wie ik ooit heb ­samengewoond en de man voor wie ik me heb ­geout. Ik was toen 33. Het was in ’98. Toen heb ik het ook aan mijn ouders verteld. En ik vroeg: Mag mijn vriend morgen eens komen? Mijn moeder zei: Ja, tuurlijk. Meer was het niet. We hebben daar geen lange filosofische discussies over gehad. De dag nadien is Ruben gekomen. Dat was mijn outing. Met mijn broer Hein was het moeilijker. Ik weet dat ik hem kort daarna apart geroepen heb in de tuin en dat ik hem zei: Ik heb een maat. Het enige wat hij zei was: Oké, geen probleem. Dat was het. ­Intussen is Ruben al enkele jaren overleden en ik denk niet dat ik ooit nog een vaste relatie zal ­hebben. Mocht Ruben nog leven, ik denk dat ik in Kortrijk op de tribunes zijn hand zou kunnen vasthouden. De meeste mensen weten dat ik homo ben, en niemand heeft me er ooit wat verweten.”

Lesbienne in Turkije
“Als ik terugkijk, spijt het me dat ik me niet tien jaar vroeger heb geout. Mijn relatie met Ruben was de mooiste tijd van mijn leven. Ik getuig er graag over, omdat ik wil dat jongeren die worstelen met zichzelf niet bang zouden zijn om ermee naar ­buiten te ­komen. En ook omdat ik merk dat de haat tegen homo’s de laatste jaren weer opflakkert na ­jaren van toenemende tolerantie. Maar sport­vedetten hebben er weinig voordeel bij om hun ­geaardheid bekend te maken. Het is voor hun ­sportprestaties niet van belang met wie ze het doen. Ex-profspeler Carl Hoefkens verklaarde ­onlangs in een homoblad dat hij tijdens zijn ­carrière met drie homo’s gevoetbald had. Eén bij Club Brugge en twee spelers in Engeland. Maar ­gewoon die uitspraak van hem deed enorm veel stof opwaaien. Dat toont aan hoe gevoelig het ligt. ­Hoefkens stond op de cover van dat blad. Meteen waren er mensen die zeiden: Hij zal ook zo zijn. Maar ik denk het niet. Al weet je het natuurlijk nooit met zekerheid. Als ik Dries Mertens zie, met zijn maniertjes, denk ik er ook het mijne van. Ook van Ronaldo zou het me niet verwonderen, mocht hij vroeg of laat bekennen dat hij homo is. Anderzijds, ik vind niet dat we aan outing mogen doen in andermans plaats. Mensen beslissen zelf wat ze doen met hun leven. Alle respect voor Ann ­Wauters, de Belgische basketbalspeelster. Zij heeft zich als topspeelster tijdens haar carrière geout. Ze heeft als lesbienne zelfs in Turkije gespeeld. Heel moedig, als je weet hoe gevoelig de kwestie daar ligt. Chapeau.”
“Toen ik zelf nog voetbalde, riep er ook wel eens iemand janet naar mij. Dan haalde ik mijn ­schouders op. Zulke kreten zijn eigenlijk een uiting van domheid. ‘Je moeder is een hoer,’ nog zo’n dooddoener die je in stadions vaak hoort. Zulke ­uitspraken moet je niet persoonlijk nemen. Het zijn goedkope kreten die meer zeggen over wie ze roept dan over wie ze moet aanhoren.”

“Ik roep soms zelf ook : Allez janetten!”
Wim Rogge, sales­director Strellson en Joop, fan van AA Gent en ­Anderlecht

“Voetbal is niet homofober dan andere sporten, denk ik.”
“Ik ben een voetbalfan, maar het interesseert me niet om elke week één ploeg te ­volgen”, zegt Wim Rogge. “Ik woon in Gent en dus ben ik Gent-fan, en raar genoeg ben ik ook fan van Anderlecht. Ik ga graag naar grote matchen. Voor PSG-Anderlecht bijvoorbeeld maakte ik de verplaatsing naar Parijs. Ik weet echt niet of het voetbal veel homofober is dan andere sporten. Ik ken ook geen homofiele topwielrenner, geen basketbalspeler, geen volleybalspeler. Sport in het algemeen is niet homovriendelijk. Het probleem ligt niet zozeer bij het voetbal.”
“Als je naar buiten komt als gay, laat je jezelf zien zoals je echt bent. Je geeft je bloot en stelt je heel kwetsbaar op. Ik heb zelf tot mijn 30 in de kast gezeten. Ik heb het nooit tegen mijn ­ouders gezegd. Omdat ik er geen behoefte aan had, en omdat ik wist dat zij er absoluut niet mee konden omgaan. Het waren andere tijden. Al is homoseksualiteit nu weer minder aanvaard dan pakweg vijf jaar geleden. Ik wik mijn woorden, want ik wil absoluut niet racistisch klinken, maar migratie en religie zitten daar voor iets tussen. In bepaalde culturen moet je als homo voor je leven vrezen.”
“Als ik naar het voetbal ga, doe ik me niet stoerder voor dan ik ben. Ik ben homo, maar ik ben zeker niet van het vrouwelijke type. Want daar heb ik het zelf ook moeilijk mee. Ik val op ­mannen – absoluut niet op mannen die zich vrouwelijk gedragen. Mijn ideale man is wel een voetballerstype. Mooie benen en een mooie kont vind ik aantrekkelijk. Maar ik ga niet naar het voetbal om naar de knappe kerels te gaan lonken. Als de match bezig is, dan let ik alleen op het voetbal. Als mijn eigen team te slap bezig is, durf ik ook te roepen : Allez janetten, begin er eens aan. Dat is helemaal niet bedoeld als een verwijt. Als men zingt van ‘Al wie niet springt, is homofiel’, dan sta ik ook te springen. En nee, ik heb geen behoefte aan een homofanclub. We moeten ons niet afzonderen, integendeel.”

Driesje
“Ik ken wel homo’s in het voetbal. Zelfs ­iemand die op internationaal niveau heel goed meedraait. Er is ooit iets gebeurd tussen ons. Die kerel heeft een vriendin, maar hij wist dat ik heel discreet ben. Ik heb een paar keer met hem afgesproken, maar toen is hij in het buitenland gaan voetballen en heb ik hem niet meer gezien. Hij zei toen ook dat hij niet voor zijn geaardheid durfde uit te komen, ­omdat hij bang was dat het niet ­geaccepteerd zou worden. Heel begrijpelijk. Wie zich out, krijgt meteen de hele pers over zich. En als je dan even minder presteert of niet meer scoort, dan weet je dat je nog meer nageroepen zal worden.”
“Ik zit in de modesector. Het valt me vaak op dat voetballers weinig verstand hebben van kledij. Ze dragen graag dure merken, maar de meesten hebben weinig stijl. Als ik ze zie ­lopen, denk ik vaak: wat een janet! Ronaldo is niet mijn type man, maar wel altijd mooi ­gekleed. Ik denk wel dat hij gay is. Hij laat het in het midden. Dat is een spel dat hij speelt. Het mysterie rond hem maakt hem ook naast het veld ongrijpbaar. En in België? Thomas ­Vermaelen is groot en slank en heeft stijl. Mooie man. Kompany ook. Niet mijn type, maar ook groot, slank en een knappe verschijning. Maar Driesje Mertens spant de kroon. Ik vind hem geweldig qua uitstraling, qua gezicht, qua body, qua persoonlijkheid, hoe hij spreekt, hoe hij kijkt, wat hij ook doet, ik vind dat een zalige ­jongen. Voor alle duidelijkheid: het was niet hem die ik ooit beter gekend heb. Ik zou nooit ­iemand outen die dat zelf niet wil.”

Binnenkort vindt er een afspraak plaats tussen de Roze Règâhs en de geïnterviewden. Queer Football Fans Benelux ???
Foto’s Geert van de Velde

You may also like...